Hemelsleutel… even pleisteren bij een plantje

hemelsleutelEen aantal weken geleden dook op de Kruidenmand-mailinglijst een vraag op naar de Hemelsleutel, het ‘pleisterplantje’, en dat zou de Sedum spectabile zijn, een soort vetkruid dat je vaak in tuinen ziet, en dat rond deze tijd van het jaar volop in bloei staat, en de laatste vlinders lokt.
Vervolgens werd er op gewezen dat er wel wat naamsverwarring bestaat rond die plant.
Sedum spectabile of Roze hemelsleutel is een tuinplant die oorspronkelijk uit Azië afkomstig is. (Hier en daar wordt de plant ondergebracht in het geslacht Hylotelephium in plaats van Sedum (vetkruid), maar daar hebben botanici nog niet echt overeenstemming over bereikt. De flora van Heukels gaat in elk geval nog uit van vetkruid.)
Maar er is ook een inheemse Hemelsleutel, de Sedum telephium, die heel erg op de tuinplant lijkt. En om de verwarring nog wat groter te maken: de Sedum ‘Herbstfreude’, die heel veel in de siertuin wordt aangeplant, is ontstaan als bastaard van de Hemelsleutel en de Roze hemelsleutel, en de officiele Nederlandse naam is dan ook Bastaardhemelsleutel.

Kameleonspin op Hemelsleutel
Als ik de beschrijvingen van beide soorten in mijn flora’s goed bekijk, dan merk ik, dat je de verschillende soorten het best kan onderscheiden aan hun meeldraden. Bij de (inheemse) Hemelsleutel zijn de meeldraden ongeveer even lang als de kroonblaadjes, terwijl ze bij de Roze hemelsleutel bijna dubbel zo lang zijn. Ook de Bastaardhemelsleutel heeft korte meeldraden, die vaak niet goed ontwikkeld zijn.
Een ander verschil zit in de stand van de bladeren: die van de Roze hemelsleutel zijn tegenoverstaand of in kransen geplaatst, die van de Hemelsleutel staan bovenaan verspreid aan de stengel. Ook zijn de bloemschermen van de Hemelsleutel boller dan die van de Roze hemelsleutel.

Een aantal weken geleden ontdekte ik plots in de tuin, in mijn ‘muntveldje’, een Hemelsleutel die ik daar heel zeker niet zelf had aangeplant. Nu komt het wel vaker voor, dat ergens in de tuin een stukje stengel van een hemelsleutel terechtkomt en daar wortelt, maar bij deze plant kon dat zeker niet het geval zijn: in tegenstelling tot de roze-bloeiende planten, met al dan niet roodachtig aangelopen bladeren die ik in de tuin heb, bloeide deze plant heel groenachtig wit. Helaas heb ik dat toen gewoon even in mijn hoofd geregistreerd, met de bedenking ‘daar moet ik eens een fotootje van maken’, maar vervolgens is dat (drukdrukdruk weetjewel) op de achtergrond van mijn gedachten geraakt.
Vandaag kwam ik dan eindelijk nog eens met mijn fototoestel buiten, maar jammer hoor… uitgebloeid.
En vervolgens begon ik dan daarna toch even in mijn flora’s te zoeken, en kom tot de ontdekking dat er een groenig-witte inheemse Hemelsleutel bestaat, die een ondersoort is van de algemenere soort, nl de Sedum telephium subsp. maximum.
Toch kan ik me nauwelijks voorstellen dat het die ‘Bleke hemelsleutel’ inderdaad is: de flora van Heymans, Heinsius en Thysse noemt deze ‘zeer zeldzaam’, enkel voorkomend op enkele plekken aan Waal en IJssel. Anderzijds heeft de plant wel de verspreid staande bladeren die bij de Hemelsleutel passen. Dus dan maar een jaartje wachten tot de plant volgend najaar terug bloeit, en dan de meeldraden maar eens goed bekijken.

En nu wat dat pleisterplantje betreft…. Mijn moeder vertelde me daar ooit over, dat het een goeie ‘trekpleister’ vormt als je van een blaadje van de Hemelsleutel aan één kant het buitenste vliesje aftrok, en het dan een nacht lang op bv een hardnekkige puist die niet wil ‘rijpen’ aanbrengt. Ik moet zeggen, dat ik het nog nooit zelf heb uitgeprobeerd.
Dodoens noemde de Hemelsleutel overigens wondtcruyt, en wondtcruyt manneken zou de rode, en wondtcruyt wijfken de witte Hemelsleutel zijn.
In het ‘Handboek van geneeskrachtige kruiden’ van Pahlow wordt aangegeven dat de plant meerdere alkaloïeden, looistoffen, slijmstoffen en flavonoïden bevat, en dat het in de volksgeneeskunde wel af en toe wordt toegepast als waterafdrijvend middel en op wonden. Overigens noemt de auteur de plant wel giftig.
In een samenvatting van een artikel uit het Zeitschrift für Fytotherapie, lees ik dat de analgetische (pijnstillende) effecten van het blad van de Hemelsleutel kunnen toegeschreven worden aan de in het kruid aanwezig poly-sacchariden.
Maar daarbij houdt de informatie over het medicinaal gebruik van het kruid wel ongeveer op.

Ik vond hier en daar ook nog wel wat folkloristische verwijzingen. Zo wordt in het Compendium van rituele Planten in Europa’ verteld, dat er een oud Engels volksgeloof bestaat, dat zegt dat je kan uitmaken of een minnaar echt of vals is, door na te gaan naar welke kant erwtenplanten buigen in de nabijheid van Hemelsleutel (die in de regio waar het bijgeloof voorkomt ‘Midsommerman’ wordt genoemd – een andere mooie Engelse volksnaam is Witches money-bags).
In Duitsland gaf men de koeien ‘Fetthenne’ te eten, als de room tijdens het karnen onvoldoende ging samenklonteren.
Maar het mooist folkloreverhaal vond ik op de site van de vereniging ‘Hei, Heg & Hoogeind’ uit Leende (bij Valkenswaard in Noord-Brabant, Nederland): Vroeger was het de gewoonte om met Sint-Jan (24 juni) een Sint-Jansruiker of Sint-Janstros aan de gevel van de huizen gehangen. In zijn eenvoudigste vorm bestond die ruiker uit slechts één plant, Sint-Janskruid. Maar… naast ‘ons’ bekende Sint-Janskruid was er nog een kruid dat zo genoemd werd… Inderdaad, de Hemelsleutel. Hemelsleutel wordt beschouwd als een sterk magisch kruid, onder andere omdat het lang nadat het geplukt werd blijft leven.

Hemelsleutel bloeit nog niet met St. Jan, maar de stengels in de aan de huizen hangende trossen richten zich op, en daarom heet de plant in de Kempen wel zolderklimmer. De hangende stengels kunnen zelfs in bloei komen. Die bloei valt dan omstreeks 29 augustus, St. Jan Onthoofding en de bloemen zijn nog roodachtig ook. “Ziede nou wel !?” zegt men dan tegen hen, die niet ‘in de tros geloven ‘.

Edit (6 juni 2008): Helaas heb ik de links bij de vereniging ‘Hei, Heg en Hoogeind’ moeten weghalen: de website in kwestie blijkt zonder een spoor achter te laten te zijn verdwenen. Jammer…
Edit (13 juli 2008) – zie commentaren: link teruggeplaatst.

handtekening
Share and Enjoy ¡ Delen met anderen:
  • Add to favorites
  • Print
  • email
  • Facebook
  • Twitter
  • Hyves
  • Google Bookmarks
  • Yahoo! Bookmarks
  • Digg
  • del.icio.us
  • StumbleUpon
  • NuJIJ
  • Diigo
  • Technorati
 

4 comments to Hemelsleutel… even pleisteren bij een plantje

  • Een uurtje geleden stond ik nog met mijn vader naar zijn Hemelsleuteltjes te kijken :)
    En voor de duizendste keer wist hij ook te vertellen, hoe hij een vliesje van een blaadje aftrekt, en dit aanbrengt op de plaats waar een mug, wesp of ander stekend insect hem “gepakt” heeft. Zou een zeer goede verlichting brengen.

  • hoi anne tane

    ik las

    Edit (6 juni 2008): Helaas heb ik de links bij de vereniging ‘Hei, Heg en Hoogeind’ moeten weghalen: de website in kwestie blijkt zonder een spoor achter te laten te zijn verdwenen. Jammer…

    maar dat is helemaal niet het geval!! mijn site is nog springlevent!!!!!!!!

    dus fijn als je de link gewoon zou kunnen terug zetten

    ps mooie site heb je

    mvg erik v asten

  • Guy

    Wat betreft de ‘wondgenezende’ eigenschap van roze hemelsleutel…: 100 % waar en aan den lijve ondervonden…
    Op het einde van vorige zomer bezocht ik met mijn dochter het Openluchtmuseum van Bokrijk. Ik liep in het begin van onze excursie rond met een zeurderige en kloppende rechterduim. Je kent dat wel, zo’n velletje aan je nagelbed dat je er zo graag afbijt… De dag voor onze uitstap beet ik het er inderdaad ook af waarna ik ’s avonds met een pracht van een ontstoken nagelbedrand rondliep…
    Nu zag ik de volgende dag in Bokrijk bij een oude herenboerderij uit Limburg prachtige bosjes sedum staan, al vrij hoog opgeschoten. Ik plukte een blaadje (en dankte daarbij uiteraard de plant, zoals het hoort voor een heks…!), prutste het buitenste vliesje er af (dat gaat vrij vlot) en legde het blaadje met de ontvliesde kant rond de ontstoken plek. De lepelvorm van het blaadje maakte dat het blaadje nog vrij goed op het letsel aansloot. Ik heb daar zo’n uur of twee, drie rondgelopen mét het Sedumblaadje op de duim. Na het verwijderen was de zwelling weg, de roodheid van de ontsteking eveneens en mijn duim ‘klopte’ niet meer…! Je zult dan wel begrijpen dat ik vanaf dat moment een hevige ‘Sedumfan’ geworden ben…

Leave a Reply

 

 

 

You can use these HTML tags

<a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>